Tentamenopdracht 14 april 2026#
Gegeven is de volgende constructie en doorsnede:
Gevraagd zijn de maximale schuifspanningen ten gevolge van buiging en wringing op een positieve doorsnede in \(\rm{A}\).
Opgave
Teken de schuifspanningverdeling ten gevolge van buiging op een positieve doorsnede in \(\rm{A}\). Geef aan wat het verloop is van de schuifspanningen (constant, lineair, parabolisch, anders), wat de richting is van de schuifspanningen, waar schuifspanningen eventueel gelijk zijn aan \(0\) en waar de eventuele maximale schuifspanningen optreden. Je hoeft geen berekeningen te maken.
Uitwerking
Het normaalkrachtencentrum ligt op:
De richting van de spanningen volgt uit de richting van de dwarskracht
Fig. 231 #
Vanwege symmetrie moet de schuifspanning middenin de flens en in het aansluitpunt van de schuine delen gelijk zijn aan \(0\).
De horizontale flens zal een lineair verloop van de schuifspanning hebben in de horizontale richting.
Het verticale lijf zal een parabolisch verloop van de schuifspanning hebben in de verticale richting.
Het schuine gedeelte zal een parabolisch verloop hebben van de schuifspanning in de richting van het schuine gedeelte.
Het maximum van de schuifspanning zit ter hoogte van het normaalkrachtencentrum omdat daar het statisch moment van het afschuivend gedeelte het grootst is.
De dwarskracht met vervormingsteken ⎺|⎽ zorgt voor een dwarskracht omlaag op een positieve snede.
Vanwege de stroming van de schuifstroom zal de schuifspanning vanuit het midden-boven naar buiten, naar beneden en naar binnen stromen.
Dit geeft:
Fig. 232 #
Opgave
Bepaal de maximale schuifspanning ten gevolge van buiging op een positieve doorsnede in \(\rm{A}\). Herinnering, maak een dunwandige berekening ook al geeft een dikwandige berekening ook een correct antwoord.
Uitwerking
De maximale schuifspanning ten gevolge van buiging kan worden berekend door de doorsnede door te snijden ter hoogte van het normaalkrachtencentrum:
Fig. 233 #
Opgave
Teken de schuifspanningverdeling ten gevolge van wringing op een positieve doorsnede in \(\rm{A}\). Geef aan wat het verloop is van de schuifspanningen (constant, lineair, parabolisch, anders), wat de richting is van de schuifspanningen, waar schuifspanningen eventueel gelijk zijn aan \(0\) en waar de eventuele maximale schuifspanningen optreden. Je hoeft geen berekeningen te maken.
Uitwerking
De richting van de spanningen volgt uit de richting van het wringend moment.
Fig. 234 #
Het gaat om een dunwandige, gesloten doorsnede, de schuifspanningen zijn dus constant over de dikte van de doorsnede en lopen rond.
Door doorsnede is overal even dik dus de schuifspanningen zijn overal even groot.
Er werkt een positief wringend moment, dus de schuifspanningen lopen op een positieve doorsnede tegen de klok in.
Dit geeft:
Fig. 235 #
Opgave
Bepaal de maximale schuifspanning ten gevolge van wringing op een positieve doorsnede in \(\rm{A}\).
Uitwerking